Weet u nou wat zo positief is? Als je eenmaal gevallen bent, en je met je bek plat in de modder ligt, dan kan het allemaal niet zo heel veel erger worden. Tuurlijk, die gepoetste, zware nazi-laars in je nek -symbool van alles wat je dwarszit- kan nog een beetje doorduwen, maar ook dat houdt een keer op. De volgende stap is altijd, dat je pogingen doet weer op te staan. Zo zitten mensen nu eenmaal in elkaar. Soms win je terrein. Soms geef je weer wat weg. Een stap vooruit, dertig terug. U kent het cliché, toch? Maar zolang je het idee blijft hebben dat het de moeite waard is ooit weer met rechte rug en opgeheven hoofd de strijd aan te gaan, komt het goed.
Momenteel lig ik met mijn bek in de modder. Deels heb ik dat aan mijzelf te danken, maar mijn dankbetuigingen gaan verder dan enkel mijzelf. Je hebt altijd een beetje hulp nodig om het complete dieptepunt te bereiken. En je kijkt er nog van op hoeveel mensen die taak graag op zich nemen. Uitgestoken handen die je wel wilt, maar niet kunt weigeren. Hoe verdomd graag je ook zou willen. En hoe je ook je best deed ze niet te zien en ze te negeren. Ik heb op dit blog al een aantal keer verteld dat ik niet zo een heel hoge pet op heb van de mensheid. Het is verdomd jammer dat ik altijd gelijk heb.
Zo liggend met mijn bek in de modder heb ik zowel steun gehad, als vreemde vragen. Of ik bijvoorbeeld wel écht met mijn bek in de modder lag. Zelfs dan, met die laars in je nek die nog wat aan kracht bijzet, ga je je verdedigen. Probeer je dingen goed te praten. Eerlijk is eerlijk; als je dat doet, kun je beter nog even blijven liggen. Dan ben je nog niet klaar voor de strijd. Dan heb je nog niet het nut - het doel- begrepen, waarom je daar nu eigenlijk ligt. Maar ik ga het wel weer begrijpen he. Vandaag misschien niet. Maar dan zeker morgen. Ik sta weer op. Hoe dan ook. En ik wens u dan bij deze alvast een ongezien de tyfus. En vooral succes.